Plooifoon

(Eerder verschenen in IP- Vakblad voor informatiespecialisten 2019-8)

Lootbox, deepfakes, smarticles, soft data. Zomaar wat begrippen die zijn besproken in deze rubriek. Veel mensen ergeren zich aan het gebruik van onnodige Engelse leenwoorden. De Volkskrant heeft zelfs een rubriek waarin lezers Nederlandse alternatieven bedenken voor Engelse woorden. Om tegemoet te komen aan deze sympathieke puriteinse beweging wilde ik het deze maand hebben over plooifoon, het Hollandse equivalent van fold phone. Ik ontdekte al snel dat ook vouwfoon en plooimobiel als alternatief worden gebruikt. Welk woord zou er winnen? Zou er überhaupt wel een Nederlandse term overleven?

NL-Term, de vereniging voor Nederlandstalige terminologie, houdt al geruime tijd een lijst bij van Engelse termen waarvoor een Nederlands alternatief bedacht is. Het is interessant om te kijken hoe het die woorden in de loop der tijd is vergaan. Reclamewisser werd in 2015 genoteerd als alternatief voor adblocker. Google geeft 139 hits (treffers), maar het afgelopen jaar werden er geen nieuwe meldingen genoteerd. Nimby betekent not in my backyard. Nivea (bedenk zelf waar het voor staat) is een prachtige Nederlandse omzetting die tot een paar jaar geleden regelmatig tegen kon komen, maar inmiddels is Nivea (inderdaad: niet in mijn voor- en achtertuin) helemaal verdwenen. Advertikel is een mooie vernederlandsing van advertorial. Het is meer dan 400 keer te vinden op Google, maar het afgelopen jaar leverde slechts drie treffers op.

Letterlijke vertalingen, zoals muis en harde schijf hebben een vaste plaats gevonden in het dagelijks spraakgebruik, maar gekunstelde constructies zijn over het algemeen geen lang leven beschoren, een enkele uitzondering als hekje (hashtag) daargelaten. Ze worden bedacht op het moment dat de early adopters (vroegvolgers, volgens de Volkskrant) zich de Engelse term al eigen hebben gemaakt en er geen plaats meer is voor koddige alternatieven. Daarom zal deze rubriek ook in de toekomst niet gewijd zijn aan plaagpost (spam), verversie (update), zoenstrook (kiss and ride) en vaaglogica (fuzzy logic). En dus ook niet aan plooifoon.

 

JOMO

Hoera, er zoemt weer een nieuw acroniem door de blogs! JOMO lijkt op FOMO en heeft er ook alles mee te maken. FOMO is de Fear Of Missing Out. Iedereen kent ze wel, de verslaafden die de hele dag, en bij voorkeur een groot deel van de nacht, aan hun device vastgekleefd zitten om maar niets te hoeven missen van wat er op Facebook, Instagram of Twitter voorbijschuift. En misschien heb je zelf wel FOMO.  Voor jou is er nu JOMO, de Joy Of Missing Out. Kort gezegd gaat het erom dat je je tablet of smartphone regelmatig weglegt om met het echte leven bezig te zijn.  JOMO is eigenlijk wat je ouders of partner al jaren tegen je zeggen. Voorheen was dat tegen dovemansoren, maar nu is dat voorbij, want JOMO is een heuse trend. De afgelopen periode werd erover geschreven door de Frankfurter Allgemeine, Victoria Health, Women’s Health Magazine en Search Engine Journal, om er maar een paar te noemen. En natuurlijk worden de artikelen gelardeerd met de bekende 5 of 10 tips, zoals:

  • Zeg nee tegen pushberichten!
  • Lees geen emails na acht uur ’s avonds!
  • Ga naar een echte boekwinkel en koop een echt boek!
  • Leef langzaam!

Het begrip JOMO werd zeven jaar geleden geïntroduceerd in een blog van de Amerikaan Anil Dash, waarin hij beschrijft hoe weldadig het is om sociale gelegenheden te laten lopen. In de jaren die volgden verschenen er veel en artikeltjes en blogs over JOMO waarbij  er vooral werd gefocust op verslaving aan sociale media. Onthaasting was het antwoord, want JOMO voelt zich thuis in de wereld van Mindfulness en Marie Kondo.

Dus doe mee met JOMO! Koop de JOMO-koffiemok of het JOMO-boek (Ja, ze zijn er. Vorige maand verscheen zelfs een JOMO breiboek)! Hang in je pyjama voor de buis met een zak borrelnootjes! Wees jong! Wees JOMO!

Deze tekst verscheen als column in IP – vakblad voor informatieprofessionals -2019/4